De zwarte den

Cyprus.
De volledige botanische naam is Pinus nigra ssp nigra var. caramanica. We noemen hem gewoon zwarte den en kwamen de populatie tegen op donderdag 20 maart 2014 op de Olympos berg van Cyprus. Het volgende verslag dat ook gepubliceerd zal worden in Conisferen is over de boom gemaakt.
Zwarte dennen op de Olympos
Leuke overnachting gehad in Pedoulas bij hotel de Two Flowers, het plaatsje ligt in het Troodos gebergte van Cyprus en er zijn maar liefst zes historische kerken uit het Byzantijns tijdperk. Dichtbij ligt aartsbisschop Makarios begraven bij het wereldberoemde Kykkoklooster .
Vandaag gaan we naar de Kalidonia watervallen, hier kun je een wandeling van ongeveer twee uur maken, onderweg passeer je dan o.a. de zwarte den, jeneverbessen en de Pinus brutia. De weg loopt verder omhoog en dan plots de schitterende zwartwitte stammen van dennen, dit is geen Pinus brutia want deze is egaal grijs, de naaldinplant is ook dichter en naar voren gericht. De schors van oude bomen bestaat uit witte vlakken doorkliefd met zwarte groeven en op oude bomen oranjebruine vlekken, vaak bedekt met groen of grijs mos.
De bast bestaat soms uit wel 20 lagen, van dichtbij zie je wel tien verschillende kleuren. Dit is moet welhaast de zwarte den zijn die hier op Cyprus voorkomt, het wordt bevestigd op een informatiebord in het natuurpark. Zonder het te weten zijn we de hoogste berg van Cyprus de Olympos opgereden. De berg is bijna 2000 meter hoog, onderweg is een skicentrum, de beheerder van het restaurant verteld dat er eens in de drie jaar sneeuw valt, vooral de homemade appelcake proberen als je hier een keer naartoe gaat, het is geweldig toeven hier, veel zuurstof, schone lucht, een zonnetje en een koel briesje. Een weldadig gevoel maakt zich van je meester jammer dat je hier maar enkele uren van je leven mag zijn, de monniken die zich hier vestigden hadden het goed bekeken. Tegenover het restaurant is een wandeling uitgezet de Juniperus route. Op deze berg groeien namelijk ook de Juniperus oxycedrus en de Juniperus foetidissima, maar daarover later meer. De botanische naam van de zwarte den die hier groeit is de Pinus nigra ssp. nigra var. pallasiana/caramanica, kenmerk van deze specie is dat hij gaat vorken op jonge leeftijd, prachtige voorbeelden krijgen we op een presenteerblaadje, de onderstam heeft soms een doorsnee van 1,5 meter, maar dan spreek je over bomen die bijna 500 jaar oud zijn. De Pinus nigra heeft een van de grootste verspreidingsgebieden ter wereld, de subspecie Salzmannii is te vinden in Spanje en zelfs in Noord Afrika en Corsica we noemen hem gemakshalve de Westelijke zwarte den, daarnaast de subspecie Nigra de Oostelijke zwarte den die uiteraard voorkomt in Oostenrijk (Austria), Joegoslaviƫ, Bulgarije, Turkije, Cyprus en de Krim. De Oostelijke vorm heeft naast het vorken van de hoofdstam en de stijfheid van de naalden nog een kenmerkend verschil met de westelijke vorm namelijk de papierachtige schubben bij de knoppen. Ten aanzien van de naalden hebben we vastgesteld dat ze rond de 12 cm lang zijn en een kwart draaien naar de top, op de binnenkant zitten twee grijze streepjes.

ps Op het infobord in het park staat Pallasiana, later onderzoek heeft uitgewezen dat het Caramanica moet zijn. Alleen de populatie op de Krim is de variatie Pallasiana. Voor nadere info zie ook Wikipedia "Pinis nigra".

Foto's